De toekomst van het betalen ?

Mooi, zo’n nieuwe proef van ING met nieuwe technologie. Maar wat moet je daar van vinden? Hoe ontwikkelt betalen zich in de toekomst? Geen makkelijke vragen, maar wellicht helpt dit artikel de lezer om zich zelf een beeld te vormen.

1. Geschiedenis: techniek ontwikkelt en we gaan van nationale systemen geleidelijk naar internationale standaarden

Eerst de geschiedenis. Je vindt hier een canon van het betalingsverkeer waarin je de geleidelijke overgang van papier naar digitaal ziet. En een geleidelijke overgang van nationale betaalmiddelen naar Europese betaalmiddelen. 

Wie er echt even voor wil gaan zitten, kan luisteren naar deze openbare lezing over de ontwikkeling in het Nederlands betalingsverkeer over de afgelopen ruim 100 jaar (klik op het plaatje om naar de Youtube film te gaan).

Daarin komt ook ter sprake dat een belangrijk thema in het Nederlands betalingsverkeer is dat we het liefst het betalen in eigen hand houden. Dus met nationaal ontwikkelde betaalmiddelen kunnen we prijs en functionaliteit van het betalen zo goedkoop mogelijk houden.

Dat is tot en met 2012 vrij goed gelukt en in zekere zin was er dus een soort nationaal collectief kartel/gemeenschappelijke opvatting: we moeten niet aansluiten bij internationale oplossingen als Visa/Mastercard maar het heft in eigen hand houden. Er zit een heel bijzonder verhaal achter die episode uit onze geschiedenis Een uitgewerkt verhaal hierover vind je hier op de site van Financieel Erfgoed Adkue.

2. Marktmacht: van Nederlands banken naar platform marktmacht

Zo rond de eeuwwisseling kregen de Nederlandse banken een boete van de ACM (toen NMa) omdat ze de tarieven in het betalingsverkeer door hun marktmacht bepaalden.

Naarmate de markt internationaler werd, is echter het PIN-systeem in 2012 uitgefaseerd en in 2015 ook de Chipknip. Van de digitale systemen was dit het laatste nationale systeem en Financieel Erfgoed Adkue heeft in een aparte ceremonie, de allerlaatste Nederlandse betaling gedaan/afgestort. 

Vanaf 2012 is het PIN-systeem eigenlijk een deel van het internationale spel geworden; Visa en Mastercard, met de merken V-Pay en Maestro. Dat betekent dat we feitelijk naar de pijpen moeten dansen van die grote spelers en dat voor winkeliers het betalingsverkeer in de toekomst toch weer duurder gaan worden. Nederlandse winkeliers wisten rond 2000 het Nederlands monopolie te doorbreken, en kregen in eerste instantie, bij de overgang naar V-Pay en Maestro dezelfde voorwaarden als onder PIN. De banken zetten ook alles op alles om de overgang zo gelijk mogelijk eruit te laten zien.

Inmiddels, tien jaar later, hebben Visa en Mastercard besloten om de merken V-pay en Maestro op te heffen en wordt het pinnen geschoeid op volledig internationale leest, zonder de PIN-pas smaak die de schemes tot nog toe voerden. Voor de consument lijkt het alsof er weinig verandert, maar zowel winkelier als consument (en bank) worden gevangen in het lastig aanpasbare web van de technische standaarden, functionaliteit en tarieven van de payment schemes Visa/Mastercard. Vooral winkeliers moeten even opletten want zo krijgen ze via een achterdeur mogelijk alsnog een verplichte acceptatie van credit-cards voor de kiezen.

Het wrange is dat niet alleen Visa/Mastercard meer macht krijgen, maar ook de big tech platforms: google/apple/samsung. De Europese commissie is zo stom geweest om in de PSD2 (een richtlijn die eisen stelt rond Europees betalingsverkeer) beveiligingsopties in betalingsverkeer te strikt voor te schrijven, waardoor het controleren met vingerafdruk echt een competitievoordeel oplevert voor bigtechs. Om die reden wordt Rabo-’s eigen wallet vervangen door google-Pay. Ook hier zie je geleidelijk Nederlandse oplossingen plaatsmaken voor internationale (en de winkelier/klant betaalt hier uiteindelijk voor). 

3. Privacy / cash: van anoniem giraal betalen naar volledige monitoring: belang van cash

Een laatste ontwikkeling is dat sinds eind jaren 90 vorige eeuw er heel veel monitoring in het betalingsverkeer is geslopen. Elke keer als er weer een aanslag kwam werd er weer meer anti-witwas regels ingevoerd tot het punt waar het nu ten onrechte gebruikelijk is dat al je gegevens bekend/gemonitord en gescreend worden. Dat is in strijd met heel veel regels, maar in Nederland neemt de opsporingscommunity het niet zo nauw met de letter van de wet (en politici slaan er ook niet op aan). 

Op Radio1 heb ik hierover een toelichting gegeven dat je kunt terugluisteren (of wellicht al hebt gezien). En ook op RTL nieuws deed ik een soortgelijke duit in het zakje (link hier).

4. Vier strategische thema’s voor de toekomst

De vier strategische vragen voor de toekomst van het betalingsverkeer gaan over het stoppen met de ingeslopen opsporingswaanzin, het behouden van contant geld, het bewaken van marktmacht en strategische autonomie en het vanuit die visie ontwerpen van de nieuwe digitale euro. Ik schetst hieronder mijn visie en voorkeuren.

A. Terugkeer van privacy en onschuldpresumptie: eind aan ingebouwde opsporing

Het eerste thema is dat we moeten stoppen met de massamonitoring in digitaal/elektronisch betalingsverkeer. Deze monitoring is volledig in strijd met het recht op privacy en de politie kan ook prima op verzoek alle data krijgen die ze willen hebben.

Wat we daarnaast wereldwijd in de financiële sector en crypto doen is naar alle jurisdisctie in de wereld per betaling alle informatie rondslingeren van betaler/betaalde. Deze travel rule verplichting komt dus neer op broadcasting van privé data die, zo is bekend, vrij weinig oplevert in termen van witwas bestrijding en behoorlijk in strijd is met EU-regels rond dataminimalisatie/proportionaliteit. 

Meest pijnlijk is op dit moment de verplichte monitoring en melding ongebruikelijke transacties die we doen. De EU schrijft alleen melding verdachte transacties voor maar wij maken er een halve ton meer van waardoor allerlei data van onschuldige burgers ten onrechte als verdacht in de boeken komt. Ik hield daarover een lezing op het anti-witwas congres op 14 juni met suggesties hoe het snel efficiënter en beter kan.

Diezelfde avond werd er bekend dat AIVD vijf datasets moest weggooien en diezelfde week kwam de Raad van State met een advies/oordeel dat de gezamenlijke transactiemonitoring Nederland van grootbanken in feite onrechtmatig is. Follow the Money zette daarna in een artikel op een rij hoe kostbaar de aanpak was, hoe weinig effectief en hoe dringend de noodzaak is om hier een oplossing te vinden.

Intussen is het inmiddels meer gebruik dan uitzondering dat je geld ‘gegijzeld’ wordt door de bank en je pas de beschikking erover krijgt als je jezelf met tal van documentatie hebt vrijgepleit van verdenkingen van witwassen of terrorismefinanciering. Dat geldt zowel voor klassieke banken als neobanken. Alle partijen voelen de druk van het toezicht en passen in feite omgekeerde ransomware tactieken toe (h/t Sjors Provoost). Eerst wordt je geld afgepakt en je krijgt het pas terug als je je eigen data inlevert.

De monitoring heeft ook een internationale dimensie. Nu alle Nederlandse systemen en oplossingen verdwijnen verdwijnt alle informatie van Nederlandse klanten linea recta naar buitenlanden als VS waar de dataprotectie veel minder is. Onze privé data ligt daar feitelijk open en bloot beschikbaar en in handen van grote big tech platforms. In het licht van de Cambridge Analytica hack, is die beschikbaarheid van toch vrij intieme betaaldata zorgelijk te noemen. Je kunt tot op de millimeter geprofileerd worden met alle gevolgen van dien. 

B. De overheid moet veel actiever het gebruik van contant geld aanmoedigen

We moeten contant geld houden, omdat we niet mogen veronderstellen dat digitaal altijd beschikbaar is. Ook moeten we erkennen dat steeds vaker de overheid zal ingrijpen in digitaal betalingsverkeer en dat de overheid soms niet jou goed gezind is (al dan niet bewust). De criminalisering van cash, nota bene wettig betaalmiddel, heeft nu al tot gevolg dat allerlei klantgroepen niet meer betaalrekeningen kunnen krijgen en steen en been klagen. De banken wijzen naar DNB, die wijst terug naar de banken en de Minister van Financién roept: niets aan de hand.

Maar de realiteit is anders. Allerlei klanten wordt met zinloze en ongeldige anti-witwasmaatregel overmaat de wacht aangezegd. Soms met de hele rekening en soms mogen ze gewoon sommige overboekingen niet doen. Rabo staat kleinzakelijke spelers niet toe om betalingen van/naar cryptobedrijven te doen. Dat is in strijd met EU regels en vergelijkbaar met een mobiele operator die je verbiedt om te bellen naar een geldig Europees telefoonnummer. 

Ook politiek gezien wil je contant geld houden. Mocht er ooit een foute overheid komen met verkeerde invloeden dan bestaat de kans dat die het betalingsverkeer als instrument gaat gebruiken om de zin te krijgen. Dan heb je op stel en sprong een goed werkend alternatief nodig en dat is contant geld. Het is dus van heel groot belang dat de overheid en Ministerie van Financiën alles doen om een basislaag contant geld in de lucht te houden, te laten blijven gebruiken en die criminalisering te stoppen. Het wetsvoorstel om contante betaling hoger dan 3000 euro te verbieden is wat dat betreft echt een brug te ver. 

Ik zie daarbij ook een rol voor de lokale overheden als marktmaker. Lokale gemeente’s moeten op locatie altijd mogelijk maken dat je snel/makkelijk van contant geld naar de toekomstige digitale anonieme euro kunt overgaan zodat er geen digitale tweedeling kan ontstaan en wie contant wil blijven leven, dat ook op de digitale snelweg kan blijven doen. Daarnaast moet de overheid bedrijven verplichten om ontvangen van geld en doen van boodschappen mogelijk te maken zonder een account te hebben bij een provider. Account-less payments waar geen monitoring plaatsvindt maar alleen levering van diensten en klaar is kees.  

C. We moeten marktmacht en geopolitiek bewaken en in toom houden

We moeten veel alerter zijn op wat het betekent dat banken overstappen op infrastructuren en systemen die in essentie gecontroleerd worden door entiteiten met nogal veel marktmacht en beinvloedingsmogelijkheid. Winkeliers gaan de komende jaren hier in tarieven veel last van krijgen, maar ook consumenten zullen zich niet bewust zijn dat hun data feitelijk wereldwijd gebruikt wordt voor profilering. En ook misbruikt kan worden, in geval je journalist bent die net even de verkeerde betaling in het verkeerde land heeft gemaakt.

Ver gezocht?

Nee hoor, sinds 2017 importeert DNB alle transacties van money transfer agenten naar een grote interne database. Wat daarmee gebeurt en waarom dat voor het toezicht nodig is, is niet duidelijk. Wel is evident dat toezichthouders naar een big data toezicht toewillen. Daarmee verbreedt zich een toekomst van overmatige data-uitwisseling van privé-gegevens aan overheidszijde, waarvan de impact volstrekt onduidelijk is. En dat ook ambtenaren zich niet altijd aan de wet houden, lijkt me in dit verband een behoedzame aanname.

Dus als we nieuwe snufjes en betaalmogelijkheden zien kunnen we er natuurlijk volop gebruik van gaan maken. Alles wat een beetje technisch kan, gaan we voor bij zien komen.

Maar de vraag erachter is: hebben we het echt nodig? En ook: welke wereld laat je ontstaan door die betaalmiddelen of snufjes te gebruiken. Welke partijen geef je nog meer leverage in beinvloedingsmogelijkheid?

Net zoals je kunt kiezen voor plofkippen of een kip van de lokale boer, kun je in het betalingsverkeer nadenken over wat het betekent als je een betaalinstrument gebruikt dat elders in de wereld wordt gebruikt om andere mensen dag in/dag uit te monitoren. Wil je aan die wereld meewerken of gebruik je dan liever cash, waarmee dat niet kan?

De verleiding is groot om in de hype en het gemak mee te gaan, maar ik kan me ook voorstellen dat we beter nadenken over of het allemaal wel nodig is, al die snelheid en gemak en nieuwe snufjes. Daarover schreef ik in 2013 een artikel: Slow money opdat je ook bij de keuze van betaalmiddelen zorgvuldig kijkt naar of het nodig is.

D. We moeten de digitale euro strategisch positioneren omwille van toekomstige digitale duurzaamheid, democratische samenleving en geopolitieke autonomie

De digitale Euro die nu in Europees verband ontwikkeld wordt, moet vrij van monitoring zijn en net zo dom als contant geld. Dat was het onderwerp van de key note presentatie die ik in juni gaf, op het Dutch Blockchain congres.

In die presentatie rangschik ik de diverse betaalmiddelen naar hun aard en laat ik zien dat we de nieuwe digitale euro niet als het zoveelste private betaalmiddel moeten zien, maar als heel belangrijke publiek betaalmiddel dat kan helpen te borgen dat anoniem digitaal met euro’s betalen altijd, ook als er geen online-netwerk is, mogelijk is (ga er vanuit dat dat kan, al klinkt het misschien vreemd). 

We moeten ons bewust zijn van de digitale tweedeling die met al deze technieken ontstaat en de mogelijkheid om als overheid die tweedeling actief te verminderen. Daarvoor komt een unieke kans, want als de Europese Centrale bank nu een domme digitale euro maakt die je overal kunt gebruiken en de Europese Commissie een Regulation aanneemt die luidt dat overheden moeten borgen dat iedereen altijd op een makkelijk manier van contant geld naar digitale euro gaat, dan gaat het snel.

In die Regulation zou je ook moeten opnemen dat private bedrijven altijd betalingen moeten accepteren met die digitale Euro en daartoe een makkelijk bruikbare ‘gast-toegang’ (toegang zonder dat je account nodig hebt) beschikbaar hebben. Met de toevoeging dat partijen die dit niet doen, geen opdrachten van de overheid mogen aannemen/uitvoeren. De overheid doet dan gewoon geen zaken meer met bedrijven die niet bereid zijn om een account-loze betaling met de domme digitale euro te ontvangen. 

Zo’n robuuste domme digitale euro is een heel grote verzekeringspremie tegen alle slechte invloeden die uitgaan van overmatige monitoring en overmatig gebruik van betaalmiddelen/processen voor politieke doeleinden. We moeten niet te laat ontdekken (zoals met die Nordstream met Rusland) dat het meegaan met digitale/monitoring en buitenlandse spelers toch geen goed idee was, maar als Europa onze strategische autonomie bewaren. En dat ook realiseren door middel van de nieuwe digitale euro die we maken. 

5. De werkelijke toekomst van het betalen?

Screenshot van blog over innovatie in betalingsverkeer

Voorspellen is altijd moeilijk, vooral als het de toekomst betreft. En als ik terugkijk naar eerdere voorspellingen weet ik ook niet of die veel beloven voor de toekomst.

In 2014 noemde ik: identiteit, tokens, retailer-macht en payments as an afterthought de sleutelvariabelen die we rond innovatie in de gaten moesten houden. Die tokens zijn er in allerlei vormen (en excessen) zeker gekomen, maar tegelijk is te zien dat de account-based wereld nog sterke economische invloed heeft. De mogelijkheid om iemands geld/data op lange termijn in een abonnement model te kunnen oogsten blijkt toch erg aantrekkelijk. De big-techs en platforms zijn daarbij, als digitale merchants, in feite de werkelijks real-life retailers voorbijgestreefd.

Centraal thema dat nu geopolitiek op de agenda staat is, in het verlengde van sancties, de politisering van het betalingsverkeer. Door 20 jaar onnodige monitoring zijn we het (ten onrechte) normaal gaan vinden dat betalingsverkeer een politiek instrument is geworden. En in de discussies over sancties en het uitsluiten van gebieden, personen en het categorisch tot hoog risico of besmet verklaren van sectoren zien we het ruimschoots terugkomen.

Ik denk dat dat een brug te ver is. Het is prima mogelijk om als economische actoren om bewust met geld en betalingsverkeer om te gaan, maar het moet altijd een vrije keuze zijn om geld een bepaalde richting uit te laten vloeien. De overheid en private partijen dienen zich verre te houden van onnodige en pro-actieve interventie monitoring/nudging van onschuldige burgers vanuit het besef dat geen enkel doel dat werkelijk legitimeert.

Dat brengt mij bij de centrale uitdaging voor de toekomst die alle bovengenoemde in zich bergt: mensenrechten in de financiële sector

MENSENRECHTEN IN FINANCE / HUMAN RIGHTS IN FINANCE

Citaat uit: Mensenrechten: Kernbelang in een geopolitiek krachtenveld

Net vorige week publiceerde de Adviesraad Internationale Vraagstukken een rapport: Mensenrechten: Kernbelang in een geopolitiek krachtenveld. Hierin wordt benadrukt dat mensenrechten niet de ver van mijn bedshow zijn voor buitenlandse thema’s, maar de schandelen in Groningen en rond kindertoeslagen laten zien dat menselijke waardigheid en het wegen van grondrechten bij binnen- en buitenlandse beleidsvoorstellen en wetgeving meer en indringender aandacht verdienen.

Voor de toekomst van het betalingsverkeer lijken mij daarbij twee internationale initatieven van groot belang. Zowel bedrijven als overheden zouden zich meer moeten afvragen of de huidige werkwijze in de financiële sector niet feitelijk neerkomt op schending van mensenrechten (eigendom, onschuldpresumptie, privacy) omwille van overmatige en disproportionele opsporing. Vanuit de wetenschap dat als dit disproportioneel is, daarmee ook de onrechtmatigheid een feit wordt.

Citaat uit VN Resolutie: privacy in a digital age

Zeer opvallend is dat in een volle zaal met Nederlandse compliance officers anno 2022 geen enkele aanwezige congresganger bekend was met de VN-resolutie privacy in a digital age. En ook het bijbehorende mensenrechten-raamwerk: Guiding Principles on Business and Human Rights leek (te) weinig bekend.

Dus als we iets te doen hebben in het betalingsverkeer van de toekomst, dan lijkt mij dat het respecteren van de mensenrechten. Meer aandacht dus voor Human Rights in Finance. Zodat MVO niet langer Monitoren van Opdrachten is, maar weer echt inhoud krijgt als: Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.